Drinkwater

Drinkwater wordt in Nederland bereid uit grondwater en oppervlaktewater. Voordat oppervlaktewater, bijvoorbeeld uit de Maas, geschikt is als drinkwater is het noodzakelijk om dit te zuiveren. Het water wordt eerst opgevangen in spaarbekkens. Door het zelfreinigend vermogen van water neemt de kwaliteit van het water toe gedurende de opslag van een aantal maanden. Daarna wordt het water naar productielocaties gepompt voor verwerking tot drinkwater.

Ook grondwater in de duinen wordt gebruikt als bron voor drinkwater. Voorgezuiverd rivierwater uit het Haringvliet wordt naar infiltratieplassen in de duingebieden gepompt. Vermengd met regenwater zakt het water langzaam naar de diepere ondergrond. Tijdens de infiltratie van het water zorgen natuurlijke processen in de ondergrond voor verbetering van de waterkwaliteit. Na een verblijf van maanden in de ondergrond wordt het grondwater opgepompt en verwerkt tot drinkwater.

Ook schoon zoet grondwater, op grotere diepte ontrokken, is na zuivering geschikt voor gebruik als drinkwater.

Drinkwaterwinning in Zeeland

De Zeeuwse bodem is op een aantal plaatsen geschikt voor drinkwaterwinning. Drinkwaterwinning door onttrekking van voorgezuiverd en geïnfiltreerd water uit het Haringvliet vindt plaats in het duingebied bij Haamstede. De waterwinning in het dekzandgebied bij Sint Jansteen (ook een infiltratiewinning) wordt hoofdzakelijk gebruikt voor industriewater en kan bij calamiteiten worden ingezet voor de drinkwatervoorziening.

De drinkwaterwinningen in het duingebied Oranjezon en de kreekrug bij Biggekerke zijn niet meer operationeel. Ze dienen als reserve waterwingebied. Om deze gebieden te beschermen zijn ze als bodembeschermingsgebieden aangewezen.

Zorgvuldig omgaan met drinkwater

Zorgvuldig omgaan met drinkwater stelt de kwaliteit en de zoetwatervoorraden van het grondwater veilig voor de toekomst. Zolang er de hoeveelheid zoet grondwater die wordt onttrokken minder is dan de hoeveelheid water die wordt aangevuld in de vorm van neerslag of infiltratie van rivierwater, blijft de drinkwatervoorraad op peil.
Productie van drinkwater kost geld. Zorgvuldig en bewust omgaan met drinkwater levert naast een kleinere milieubelasting ook een kostenbesparing op.

Ambities en doelen

De provincie Zeeland heeft belang bij duurzame grondwaterwinning. Doelstelling is het 'veilig stellen van de levering van drinkwater'.
Het beleid van de provincie Zeeland is gericht op garanderen van de beschikbaarheid van voldoende en kwalitatief goed (drink)water en het tegengaan van verdroging en verzilting.
Door bescherming van de kwaliteit van het grondwater zorgt de provincie voor de mogelijkheid van duurzame drinkwaterwinning in daarvoor aangewezen gebieden. Door verspreiding van mogelijke verontreinigingen in bodem en grondwater tegen te gaan beschermt de provincie de goede kwaliteit van het infiltratiewater voor de winningen Sint Jansteen en Haamstede.
Door risicovolle (bovengrondse) activiteiten, die tot verontreinigingen kunnen leiden, in kwetsbare gebieden te vermijden verkleint de kans op verontreiniging van bodem en grondwater.

Waterwingebieden zijn goed te combineren met natuurontwikkeling en recreatie. De duingebieden, die een hoge landschappelijke-, natuur- en recreatieve waarde hebben, zijn daar een goed voorbeeld van.

Beleid in praktijk

Omdat Zeeland zijn drinkwater veilig wil stellen moet een onttrekker van grondwater zich houden aan zijn onttrekkingsvergunning, het beleid uit het Provinciaal Omgevingsplan 2006-2012, de Waterwet en de Waterverordening Zeeland.

Om te zorgen dat grondwater geschikt blijft voor de productie van drinkwater zijn grondwaterbeschermingszones aangewezen. In deze zones gelden strenge regels, waarbij het opslaan van olie, het gebruik van bestrijdingsmiddelen en (kunst)mest en andere activiteiten, die van negatieve invloed kunnen zijn op de grondwaterkwaliteit, niet zijn toegestaan. Gemeenten en provincies zijn verantwoordelijk voor de handhaving van de naleving van deze regels.
In grondwaterbeschermingsgebieden zijn tijdelijke grondwaterwinningen, bijvoorbeeld voor landbouwdoeleinden, op basis van een melding toegestaan als ze kortdurend zijn (maximaal 6 maanden) en een laag debiet hebben (maximaal 100 m³ per uur en maximaal 1.000 m³ per maand). Voor andere onttrekkingen is altijd een vergunning van het waterschap of de provincie vereist.